Prikkelgevoeligheid bij Autisme en het verschil met Hoogsensitiviteit (februari 2024)

26 februari 2024

 
Op de agenda:
  • Online training Hoogsensitiviteit en werk, donderdag 18 april van 9-13 uur. Meer weten en inschrijven? Klik dan hier.
  • Training Autisme en werk op locatie in Den Bosch, donderdag 14 maart van 9-13 uur. Online training vindt plaats op 3 oktober. Meer weten en inschrijven? Klik dan hier
  • De trainingen kunnen ook in-company gegeven worden. Overige thema's zijn onder andere hoogbegaafdheid, licht verstandelijke beperking en motiverende gespreksvoering. Neem gerust contact met ons op voor de mogelijkheden. 
 
Prikkelgevoeligheid bij autisme en het verschil met hoogsensitiviteit

Wat zijn prikkels?
Een prikkel is een stukje informatie dat binnenkomt via onze zintuigen. Onze zintuigen werken de hele dag samen om ervoor te zorgen dat we adequaat reageren op onze omgeving. Dit gebeurt middels het waarnemen van prikkels, en betreft m.n. alles wat we zien, horen, proeven, ruiken en voelen. Bij prikkels kun je denken aan (felle) lichten, (harde) geluiden en aanrakingsprikkels. Maar er zijn ook minder voor de hand liggende voorbeelden, zoals het waarnemen van bepaalde visuele patronen, stof van kleding, eentonige geluiden, en de structuur van eten. Naast externe prikkels hebben we ook interne prikkels, denk bijvoorbeeld aan gedachten, emoties en lichamelijke sensaties. 

Hoe gaat het (autistisch) brein met prikkels om?
Prikkels die worden waargenomen moeten vervolgens worden gefilterd, omdat onze hersenen maar een klein deel van die enorme hoeveelheid prikkels kunnen verwerken. Om die reden wordt informatie door het brein gesorteerd op mate van belangrijkheid, dit gebeurt volledig automatisch. Bij mensen met autisme verloopt dit anders; hun brein maakt geen onderscheid tussen hoofd- en bijzaken. Waardoor niet alleen de belangrijkste informatie binnenkomt, maar alle informatie tegelijkertijd binnenkomt en apart wordt geregistreerd. Bij een overvloed aan informatie lukt het niet meer om dit te ordenen. Doordat de aandacht uitgaat naar ieder detail, geluid en woord, kunnen onverwerkte prikkels zich gaan opstapelen. Er ontstaat dan als het ware een file in de hersenen. Dit maakt situaties vaak onoverzichtelijk en chaotisch, en het kan voor hen voelen alsof ze de controle kwijt zijn. Dit kan vervolgens zorgen voor overprikkeling; er komen dan meer prikkels binnen dan je kunt verwerken. Overprikkeld raken kan ook gebeuren door onverwachte veranderingen of gebeurtenissen, of door een gesprek te voeren met een gesprekspartner die niet concreet genoeg is. Overprikkeling kan zich op allerlei verschillende manieren uiten. Enkele voorbeelden hiervan zijn concentratieproblemen, vermijdingsgedrag, driftbuien, oververmoeidheid, isolatie en passief gedrag. 

De verhoogde prikkelgevoeligheid die veel mensen met autisme ervaren, kan verborgen kwaliteiten bevatten. Zo kan iemand met autisme een zeer zacht geluid van een afstand horen kleine details in een foto zien. Anderzijds kunnen de talloze zintuiglijke prikkels die zij voortdurend ontvangen, afleidend werken en overweldigend zijn. Het gaat vaak om prikkels die mensen zonder autisme niet opmerken of niet als storend ervaren, terwijl ze voor mensen met autisme juist extreem belastend kunnen zijn. De (over)gevoeligheid voor prikkels kan van (grote) invloed zijn op het dagelijks leven, functioneren en welzijn van mensen met autisme.

Net als bij mensen zonder autisme, bestaan er bij mensen met autisme (grote) individuele verschillen met betrekking tot gevoeligheid voor prikkels. Niet iedereen is voor dezelfde prikkels (even) gevoelig. Er zijn ook mensen met autisme die juist last hebben van een ondergevoeligheid voor prikkels; het niet of later opmerken van prikkels dan de meeste andere mensen. Dit kan zorgen voor een hele hoge pijngrens, of niet opmerken dat je honger/dorst hebt of naar de wc moet. Daarnaast kan prikkelgevoeligheid ook verschillen per moment, zo kan bijvoorbeeld iemands energieniveau of stemming invloed hebben op de mate waarin prikkels juist sterker of minder sterk worden waargenomen. Deze factoren samen kunnen het voor zowel de persoon in kwestie, als voor de omgeving (familie, vrienden, partner, collega’s en werkgever), lastig maken om mee om te gaan. 

Wil je meer weten over de kenmerken van autisme en de impact daarvan op werk? Schrijf je dan in voor onze training: Autisme op de werkvloer  

Overeenkomsten en verschillen met hoogsensitiviteit
De prikkelgevoeligheid die komt kijken bij mensen met autisme, kan worden verward met hoogsensitiviteit. Ergens logisch, want er zijn kenmerken en gedragingen van autisme, die overeenkomen met die van hoogsensitiviteit. De overgevoeligheid voor prikkels, zich terugtrekken in drukke situaties en regelmatig de behoefte hebben om alleen te zijn, zijn hier duidelijke voorbeelden van. Echter, wanneer je inzoomt op de oorzaken en achtergrond ervan, zie je met name grote verschillen. 

Autisme is, in tegenstelling tot hoogsensitiviteit, een vorm van ontwikkelingsproblematiek. Zoals hierboven beschreven, verwerkt het autistisch brein informatie op een andere manier dan het niet-autistisch brein, waardoor prikkels minder goed gefilterd en verwerkt worden. Daar bijkomend hebben mensen met autisme ook een aantal heel andere kenmerken en gedragingen die mensen met hoogsensitiviteit niet hebben. Denk daarbij aan moeite hebben met het aangaan en ontwikkelen van vriendschappen, het maken van oogcontact, zeer beperkte of verregaande interesses en het sterk vasthouden aan voorspelbaarheid en gedragsroutines. 

Hoogsensitiviteit daarentegen, is een karaktereigenschap die zich kenmerkt door een diepgaandere verwerking van fysieke, sociale en emotionele prikkels, in combinatie met een verhoogde gevoeligheid van het centrale zenuwstelsel. Bij HSP’ers (High Sensitive Persons) worden er meer hersengebieden actief bij het verwerken van een situatie. Ze merken meer details op en verwerken die vervolgens op een dieper niveau dan de gemiddelde mens. Dit maakt hen gevoelig voor zintuiglijke prikkels als licht, geluid en geur, maar dus ook voor emotionele prikkels. Hierdoor voelen ze sferen en emoties van anderen bovengemiddeld goed aan en zijn ze vaak goed in staat om hier op een sociaal invoelende manier op te reageren, in tegenstelling tot iemand met autisme. Ook zien HSP’ers doorgaans goed verbanden en de samenhang in informatie én zijn ze goed in staat om de eigen emotionele prikkels te herkennen en benoemen, waar iemand met autisme daar juist moeite mee heeft. 

Hoogsensitiviteit komt voor bij ongeveer 20% van de bevolking, en ook bij HSP’ers is er sprake van individuele verschillen met betrekking tot o.a. prikkelgevoeligheid. Hoogsensitiviteit brengt zowel kwaliteiten als beperkingen met zich mee; dit geldt uiteraard ook op de werkvloer. 

Nieuwsgierig geworden naar een training op het gebied van HSP en werk? Schrijf je dan in voor onze training: Hoogsensitiviteit en werk  

Copyright 2024 Het Blikveld